auteur: Suzanne Oxenaar
Bij het eerste bezoek aan de psychiatrische kliniek de Willem Arntsz Hoeve leek het een klein dorp met een eigen kerkgebouw en een theaterzaal, maar dan wel een afgesloten dorp, diep verstopt in het bos. De bijzondere architectuur op het terrein van de kliniek is opvallend. Grote witte gebouwen uit het begin van de twintigste eeuw, die herinneren aan ‘De toverberg’ van Thomas Mann, omringd door paviljoens uit de jaren dertig en vijftig en meer recente gebouwen ontworpen door Albers en Van Huut, Bonnema en Soeters. Vanwege reorganisaties en bezuinigingen zouden diverse paviljoens moeten worden afgebroken en zou het terrein opnieuw worden ingericht. Door deze bouwkundige reorganisaties ontstond er een budget voor kunst en werd het voormalige Praktijkbureau Beeldende Kunstopdrachten, inmiddels omgedoopt tot SKOR, benaderd..
Suzanne Oxenaar
Insiders of the outside Het Vijfde Seizoen 1994 - 2002
Aanvankelijk gingen de gedachten van de directie uit naar een markant figuratief kunstwerk in het bos. Voorgesteld werd om de Italiaanse beeldhouwer Guiseppe Penone hiervoor uit te nodigen. Geconfronteerd met het werk van Penone werd echter duidelijk dat de kliniek zocht naar een kunstwerk dat de maatschappij dichter bij de inrichting zou brengen en het geïsoleerde karakter van de Willem Arntsz Hoeve zou doorbreken.
De ervaring leert dat opdrachtgevers vaak extreme verwachtingen hebben over een kunstwerk in de openbare ruimte. Het moet hun imago opvijzelen, hun gebouwen en faciliteiten verrijken en meehelpen om de muren tussen instelling en maatschappij af te breken. Meestal wil men iets dat mooi is en tegelijkertijd begrijpelijk, prestigieus en vandaalbestendig. Het moet voor iedereen zijn, de patiënten, het verplegend personeel, de artsen, de therapeuten en de bezoekers. Kortom: men wil een kunstwerk als Gouden Kalf. De adviezen en voorstellen hebben dan ook vaak het karakter van bezweringen, die moeten dienen om vooroordelen over kunst en kunstenaar een halt toe te roepen.
Al rondlopend over het terrein ontstond het voorstel om het met afbraak bedreigde prachtige paviljoen ‘Het Heuveltje’ te behouden en er een bestemming als kunstenaarsverblijf aan te geven. Door elk seizoen een andere kunstenaar uit te nodigen om hier te wonen en samen met de patiënten een kunstproject te maken, zou de maatschappij letterlijk dichterbij worden gebracht. De kliniek reageerde enthousiast. Om dit plan te kunnen realiseren werd een stichting opgericht en kreeg het project de naam Het Vijfde Seizoen, naar het gelijknamige verhaal van Kurt Tucholsky. Boudewijn van Grunsven, werkzaam bij de Willem Artsz Hoeve, werd aangesteld als zakelijk leider. Hij kent de kliniek, de bewoners en medewerkers en niet onbelangrijk de organisatiestructuur van de Willem Arntsz Hoeve. Ondergetekende werd als curator benoemd. Deze combinatie van een outsider in de kliniek als curator en een outsider in de kunsten als zakelijk leider zorgde voor een voortdurend alerte en stimulerende houding.
Het Vijfde Seizoen vormt een uitzondering binnen het voormalige Praktijkbureau voor Beeldende Kunstopdrachten en SKOR. Normaliter is een project afgerond zodra het wordt opgeleverd en ook voor de adviseur is dan het project beëindigd. In het geval van Het Vijfde Seizoen begon het project eigenlijk pas na de oplevering, op het moment dat de herinrichting van het bestaande gebouw voltooid was. Doordat er elk seizoen een andere kunstenaar verblijft, is het project voortdurend in ontwikkeling. Er is één constante: elke nieuwe bewoner krijgt te maken met dezelfde woonvoorziening. Deze is in 1998 ontworpen door de ontwerper Christoph Seyferth. Aan het begin van elk seizoen is het huis weer gebruiksklaar voor een nieuwe kunstenaar.
Van de kunstenaars wordt verwacht dat zij een interactie aangaan met hun nieuwe omgeving. Om dat te kunnen bereiken moeten zij bereid zijn hun grenzen te verleggen en binnen een andere maatschappelijke context te werken. De specifieke context van de Willem Arntsz Hoeve vraagt om een andere reactie dan bij kunst die voor een museum of galerie is gemaakt. Bij de keuze van
de kunstenaars wordt gekeken naar voorafgaand werk en hun affiniteit met de situatie. Op basis hiervan ontstaat het vermoeden dat een verblijf in Het Vijfde Seizoen voor de kunstenaars zelf en voor de patiënten verassende resultaten op kan leveren. Per keer wordt bekeken wie als opvolger het meest geschikt is. Het blijft dus altijd een verrassing wie er komt en wat voor project dit zal opleveren.
De afgelopen jaren hebben uitgewezen dat hier onverwachte en prachtige werken kunnen ontstaan. Het blijkt een inspirerende plek, waar het verblijf tot een extreme ervaring leidt. De relatief korte tijdsduur van één seizoen dwingt de kunstenaar alert te zijn. Velen begonnen met een vastomlijnd plan, maar waren gedwongen dit gedurende hun verblijf bij te stellen of zelfs ingrijpend te wijzigen. Het duurde soms even voor een kunstenaar zich realiseerde dat het hier om vaak erg zieke patiënten gaat voor wie de kleinste handeling al te veel is, en dat een kliniek bovendien een erg gereguleerde omgeving is. Opmerkelijk is hoe elke kunstenaar steeds zijn invalshoek kiest en de psychiatrie vanuit een sterk persoonlijk gezichtspunt benaderd. Een periode van drie maanden lijkt kort, maar is lang als je in zo’n afgezonderde leefsituatie verkeert. De relaties tussen de kunstenaars, de patiënten en de andere mensen, die werken en verblijven op de Willem Arntsz Hoeve, brengen elke keer een nieuw en uniek proces op gang. Patiënten, die normaal gesproken in een gemoedstoestand van isolement verkeren, participeren actief in een project. De afstand tussen kunstenaars, patiënten en de buitenwereld wordt soms even overbrugd. De betrokkenheid van de deelnemers genereert niet alleen veel creativiteit en nieuwe ideeën, maar ook begrip en openheid. De grenzen tussen ziek en niet ziek lijken af en toe weg te vallen voor zowel de kunstenaar als de patiënt. Er ontstaat even een ‘Vijfde Seizoen’.
Stichting Kunst en Openbare Ruimte

