Een andere manier van samenzijn
Suchan Kinoshita in Sutfene in Zutphen
Met Instrumentarium won Suchan Kinoshita in 2002 de ZonMw Stimuleringsprijs. De jaarlijks terugkerende prijsvraag richtte zich in dat jaar op het verbeteren van communicatie in de zorg. Het idee om daarbij beeldend kunstenaars te betrekken kwam voort uit een kunstpraktijk, waarin zich een hernieuwde sociaal maatschappelijke oriëntatie begon af te tekenen. Het kunstobject raakte daarbij op de achtergrond en de nadruk kwam te liggen op contact met het publiek en de gebeurtenis. Sommige kunstenaars kozen er bovendien voor hun werkwijzen te beproeven buiten de kunst en direct in de maatschappelijke realiteit te opereren.
Deze ontwikkeling vormde voor SKOR aanleiding om in samenwerking met ZonMw zes kunstenaars(groepen) te vragen een plan te ontwikkelen voor een reële situatie in een zorginstelling. Dit project bood tevens de gelegenheid om binnen een specifiek kader te onderzoeken wat de denkbeelden, beeldende kwaliteiten en strategieën van kunstenaars kunnen bewerkstelligen en betekenen in een gebied buiten de kunst.
Instrumentarium is bedacht voor Verpleeghuis Leeuwerikweide, onderdeel van de Stichting Sutfene in Zutphen, waar men zich richt op de verpleging van psychogeriatrische patiënten. Zij vormen een moeilijk toegankelijke groep. Ze zijn vaak in de war, gedesoriënteerd, boos of verdrietig. Ook voor de betrokkenen is de situatie vaak moeilijk hanteerbaar. Het realiseren van een kunstwerk dat recht doet aan de situatie in het huis en dat ook betekenis heeft in termen van de kunst, is dan ook geen eenvoudige opgave.1 De organisatie had gevraagd om het creëren van mogelijkheden om demente bewoners met kinderen in contact te brengen. Immers, het samenzijn met kleine kinderen kan negatieve gevoelens afzwakken en soms zelfs tijdelijk wegnemen.
Onderzoekende benadering
Zonder voorbij te gaan aan de problematiek benadrukte Suchan Kinoshita in haar voorstel dementie niet uitsluitend te willen benaderen in termen van beperking en achteruitgang, maar zich te willen richten op de onvermoede mogelijkheden die de ziekte ook biedt. Het verlies van gêne kan voor de omgeving pijnlijk zijn, maar het kan de dementerende persoon ook nieuwe vrijheden geven, vergelijkbaar met kinderen die in het algemeen gesproken weinig last hebben van gêne en open staan voor experimenten en het uitproberen van nieuwe situaties. Door het wegvallen van het besef van wat wel en niet ‘hoort’, ontstaat een nieuw potentieel waarmee gewerkt kan worden. Iets soortgelijks geldt voor de vervagende grens tussen verleden en heden. Herinneringen raken op drift, zij worden soms als reëel ervaren in het heden. Ook dat schept verwarring maar tevens mogelijkheden.
Deze onderzoekende benadering en de onorthodoxe kunstopvatting zijn kenmerkend voor de werkwijze van Suchan Kinoshita. Ook in haar museale werk zet de kunstenaar bezoekers aan om zelf dingen te ondernemen, en worden toeschouwers actief onderdeel van het werk. De titel Instrumentarium van het project voor Leeuwerikweide is dan ook letterlijk bedoeld: kunst als instrument. Ze ontwikkelde een verkleedkist, gereedschaps- en geluidstafels. In nauwe samenwerking met de bewoners en medewerkers is in workshops invulling gegeven aan de verschillende mogelijkheden van het instrumentarium. Al spelende tekenden zich manieren af om kinderen en bewoners te betrekken bij de gebeurtenissen en om hun creativiteit in een gezamenlijke onderneming in beweging te zetten. De dagelijkse realiteit van het huis en de belevingswereld van de bewoners waren steeds belangrijke ijkpunten. In concrete en mentale zin vormden zij de omgeving waarbinnen de kunstenaar ruimte zocht en de kunst ingreep. Kinoshita was zich bewust van haar positie in de gemeenschap van Sutfene, als een betrokken buitenstaander die geregeld maar steeds tijdelijk aanwezig was. Deze positie maakte het mogelijk de situatie met enige distantie te aanschouwen en afwijkend te benaderen.
De gereedschapstafels hebben inmiddels de normale tafels in de gemeenschappelijke ruimte vervangen. Iedere lade heeft een eigen inhoud en biedt een verleidelijke uitnodiging tot spel en een onderwerp van gesprek. In de opzet van Instrumentarium zijn regels opzettelijk achterwege gelaten om de gebruikers alle mogelijke ruimte te geven, om te spelen zonder regels, of om die spelenderwijs zelf te bedenken en uit te vinden. De verschillende instrumenten zijn op ieder moment op te pakken. In de praktijk dreigt echter het gevaar dat er weinig gebruikt wordt gemaakt van de instrumenten. Terwijl de ouderen vaak een duwtje in de rug nodig blijken te hebben, weten de kinderen hun weg wel te vinden. Dit doet een voortdurend beroep op de activiteitenbegeleiders. Maar door het geregelde contact met de kunstenaar zijn zij sterk betrokken geraakt bij het project.
Instrumentarium heeft zijn beslag gekregen in de dagelijkse realiteit van Sutfene als een nieuwe draad in het bestaande weefsel. Kinoshita heeft geen dwingende ingreep willen doen, maar andere mogelijkheden willen scheppen voor wie ervoor voelt. Op bescheiden wijze voegt het project zich in de dagelijkse gang van zaken en vormt het een uitnodiging tot interactie en uitwisseling. Instrumentarium is een voorstel voor een andere manier van samenzijn.
Mariska van den Berg
1. Zie: Open , nr. 3, ‘Kunst in psychogeriatrische verpleeghuizen’, 2002, uitgave SKOR.
Deze tekst verscheen in de publicatie Kunst als medicijn , SKOR Kunstprojecten deel twee.
Stichting Kunst en Openbare Ruimte













