‘Alles komt weer goed’
Matthew Monahan in het Rijnlands Revalidatiecentrum in Leiden
In de duinen bij Katwijk wonen in het voormalig Zeehospitium ernstig lichamelijk gehandicapte kinderen. Overdag gaat een aantal van hen naar de methylschool in Leiden. Naast de school is kort geleden een revalidatiecentrum gebouwd waar ze na schooltijd therapie krijgen. Dit centrum bevat behalve ruimtes voor diverse vormen van therapie een polikliniek en accommodatie voor kortdurende opnames. De sportaccommodatie wordt ‘s avonds verhuurd aan plaatselijke sportclubs.
De architectuur van het nieuwe centrum, ontworpen door Harry Sipkens van Groosman Partners, is helder georganiseerd. Een lange rechte wand vormt de ruggengraat van het gebouw. Hieraan zijn alle therapieruimtes, evenals de patio’s, gehaakt. De muur begrenst een lange gang die de verschillende ruimtes verbindt. De architect gaf de wand, die op vele plaatsen is geperforeerd met ramen en deuren, een helder blauwe kleur zodat deze als een krachtig gebaar herkenbaar blijft, zowel in het interieur als van buitenaf via de glasgevel.
Al vrij snel was duidelijk dat deze wand de meest aantrekkelijke plek voor het kunstproject zou zijn. De architect dacht daar aanvankelijk echter heel anders over. Niet geheel onbegrijpelijk was hij bevreesd dat de kunstbijdrage juist op deze plek de helderheid van het architectonische concept zou aantasten. Het werd dan ook een interessante uitdaging aan de kunst.
Onderzoekend
De keuze viel al snel op de Amerikaanse kunstenaar Matthew Monahan vanwege zijn subtiele en onderzoekende manier van werken. Monahan is een kunstenaar die al tekenend onderzoekt hoe de dingen in elkaar steken. Hij wilde in beeld brengen wat er plaatsvindt in deze kliniek en hoe de kinderen worstelen om hun gebrekkige lichamelijke conditie leefbaar te houden. De tekeningen wilde hij voor de kinderen zelf maken, maar ook voor de sporters die ‘s avonds het gebouw betreden. Zo zouden ze kunnen zien wat zich hier overdag allemaal afspeelt.
Monahan is een autonoom werkend kunstenaar, voor wie dit zijn eerste kunsttoepassing was. Hij was direct gefascineerd door de kwaliteit van de architectuur, een kwaliteit die je in Amerika zelden in de volksgezondheid tegenkomt, en door wat zich hier allemaal afspeelde.
Tijdens een recent verblijf in China had hij werk gemaakt op rollen Chinees rijstpapier. De transparantie van het papier waarop hij tekende zorgde voor een fascinerende gelaagdheid. Deze transparantie en gelaagdheid wilde hij ook in zijn kunsttoepassing in Leiden laten zien. Hij maakte eindeloze hoeveelheden tekeningen in blauw potlood, dezelfde kleur als de muur, van wat er zich allemaal in het centrum afspeelde. Soms klapte hij tekeningen dubbel, andere keren speelde hij met het doorschijnende karakter van het papier. Deze tekeningen werden heel hoogwaardig ingescand zodat geen detail verloren ging en vervolgens werden ze op stroken vinyl geprint. Deze precies op maat afgesneden stroken werden op de wand tussen de wandopeningen bevestigd, zodat het een naadloos doorlopende tekening lijkt, slechts onderbroken door de toegangsdeuren en de ramen. Voor de tekeningen gebruikte Monahan allerlei details uit de architectuur en activiteiten van de gebruikers. Zo zien we zwemmers, zwembadtegeltjes, trainingstoestellen uit de gymzaal, architectonische details en zelfs bestratingen of kiezels van het pad of het bruggetje waar kinderen hun motoriek oefenen. Er valt enorm veel te zien op de tekeningen, die zowel op rolstoelhoogte goed te ervaren en te bestuderen zijn, als op ooghoogte. Zes originele tekeningen zijn apart ingelijst en verspreid door het gebouw opgehangen.
Vormt de blauwe muur de ruggengraat van het gebouw dan is het kunstwerk de zenuwbaan. Het kunstwerk versterkt de architectuur en maakt de functie van het gebouw leesbaar. Het geeft inzicht in het leven van de kinderen die hier dagelijks komen. De aanvankelijke vrees dat het kunstwerk de architectuur aan zou tasten is in alle opzichten volledig ongegrond gebleken.
Liesbeth Melis & Rob van de Ven
Deze tekst verscheen in de publicatie Kunst als medicijn , SKOR Kunstprojecten deel twee.
Stichting Kunst en Openbare Ruimte













