Liefde in de stad
Kunstenaars: Klaar van der Lippe en Bart Stuart, Pilvi Takala, Mariëlle Videler, A.P. Komen en Karen Murphy, Federico D’Orazio, Shana Moulton, Wineke Gartz, IEPE
Opdrachtgever: Stichting Liefde in de Stad
Locatie: diverse plekken in Amsterdam
Periode: 2005-2006
In 2003 nam Paradiso het initiatief tot het project Liefde en richtte het instituut Liefde in de Stad op. Dit instituut wil op onorthodoxe wijze onderzoeken hoe de liefde in de stad bevorderd kan worden. Volgens hem bestaat er grote behoefte aan een andere manier van communiceren in een tijd waarin sprake is van verharding. In Amsterdam, van oudsher de stad van vrijheid, van provo’s en het Lieverdje, leek sinds de moord op Theo van Gogh de wind uit een gure hoek te waaien. De stad moest weer een podium worden voor andere geluiden. Beeldend kunstenaars, marketingstrategen, schrijvers, muzikanten en wetenschappers werden hiervoor benaderd. Het was de bedoeling dat zij het publiek een spiegel voor zouden houden door op een onverwachte en originele manier het onderwerp aan de orde te stellen, confrontaties aan te gaan met het publiek, vragen te stellen en inspiratie te bieden. Voor de bijdrage van beeldend kunstenaars werd contact gezocht met SKOR. Haar werd gevraagd invalshoeken te bedenken voor projecten in de openbare ruimte en voorstellen te doen voor kunstenaars. Eind 2005, begin 2006 vond het eerste deel plaats: op en rond het Leidseplein in Amsterdam werden performances gehouden. Klaar van der Lippe en Bart Stuart onderzochten in de hoedanigheid van de Liefdespolitie of er wetten voor de liefde bestaan, of die bekend zijn en gevolgd worden. De Liefdespolitie trad daarbij niet op als een controlerende en straffende instantie maar hielp als voorbeeldstellende instantie liefde te vinden en te delen. Pilvi Takala betrok reizigers in de tram bij de emoties van een smoorverliefde jongeman. Mariëlle Videler ontwierp een ritueel, dat op 17 december, de derde internationale dag om geweld tegen prostituees te beëindigen, werd uitgevoerd. Ze liet ex-prostituees samen met sympathisanten een rondgang maken op het Leidseplein, terwijl ze liefdeswierook verspreidden. In april 2006 installeerden A.P. Komen en Karen Murphy op het Max Euweplein de KissCam. Deze webcam registreert liefderijke handelingen en verspreidt deze via internet (www.Kiss-Cam.com). Het is een uitnodiging aan het publiek om liefde uit te dragen, het tegenovergestelde dus van datgene waar camera’s meestal voor worden ingezet, namelijk het waarborgen van veiligheid.
Het tweede deel vond plaats in het najaar van 2006 en was niet meer beperkt tot één locatie en één type kunst. Door verschillende vormen en diverse plekken in de stad te kiezen werden verschillende soorten publiek aangesproken. SKOR wilde zo een dialoog met de stedelijke omgeving aangaan. In het Westerpark realiseerde IEPE het werk Catharsis 2006, dat bestond uit een soudtrack die pijnlijke gebeurtenissen uit het recente verleden liet horen. Aan het eind van de soundtrack werden vanuit een helikopter 90.000 bloemen uitgestrooid over de hoofden van de aanwezigen. Hiermee werd de herbeleving van een episode uit de vaderlandse geschiedenis, die veel verdeeldheid onder de bevolking heeft gezaaid, afgesloten met een moment van ultieme schoonheid en saamhorigheid. Hoewel het neerdwarrelen van de bloemen een bedwelmende ervaring was, bleek de betekenis van de soundtrack niet bij iedereen goed overgekomen. Sommigen vonden het te belerend, anderen ontging de bedoeling.
De Full Llove Inn van Federico d’Orazio bleek een ‘succes fou’. Deze ‘hotelkamer’ in de lucht genereerde een enorme hoeveelheid publiciteit in binnen- en buitenland. D’Orazio plaatste een gestripte en vrolijk beschilderde oude Opel Kadett op een vijf meter hoge stellage voor het Lloyd Hotel aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam. De auto bood een wijds uitzicht over het IJ. De mensen die er overnachtten konden gebruik maken van de accommodatie van het Lloyd Hotel. In steden waar de recreatieve industrie de belangrijkste bron van inkomsten is geworden, wordt van alles aangeboden. Volgens D’Orzazio zijn het echter slechts surrogaten van geluk; voor het bevorderen van echte intimiteit en menselijk contact wordt weinig gedaan. De Full Llove Inn was hierop zijn commentaar.
Shana Moulton hield vier performances op diverse locaties in de stad, waarmee ze wilde doordringen in een wereld vol fantasie. In een van de performances voeren twee boten in de vorm van zwanen op de Prinsengracht met verschillende snelheden naar elkaar toe en botsten uiteindelijk. Uit beide halzen van de zwanen vormde zich een hart dat in de lucht weg zweefde. In een andere performance verbeeldde zij Lovebirds en startte zij vanuit het Westerpark een tocht naar het Vondelpark, terwijl ze onderweg op schommels uitrustte om liefdesliederen te zingen. De derde performance bestond eruit dat een van de eenhoorns op het fries van het Paleis op de Dam een reis maakte naar het Vondelpark op zoek naar reinheid in de gedaante van een maagd. Zigeuners kwamen zijn hoorn stelen en voorspelden de toekomst van je liefdesleven. De vierde performance was getiteld Weeping Willow. Een in de steek gelaten treurwilg verlaat het Weteringplantsoen en arriveert na allerlei omzwervingen en afwijzingen door andere bomen de Schreierstoren, waarvandaan de wilg zijn tranen liet vallen op het publiek. De performances werden gefilmd en op 22 September 2006, tijdens de eindmanifestatie in Paradiso, getoond als zelfstandig kunstwerk.
Wineke Gartz, tenslotte, woonde acht jaar in Oost en maakte een boekje waarin zij haar persoonlijke observaties en overpeinzingen optekende over vluchtige contacten met buurtbewoners, identificaties met zwerfkatten en plekken met een voor haar speciale betekenis. Met dit boekje in de hand kun je Oost ontdekken door de ogen van Wineke Gartz.
Liefde in de Stad genereerde veel publiciteit, ook vanuit media die niet tot het domein van de kunst behoren. Liefde is een thema dat veel mensen aanspreekt. Daarin schuilt meteen ook een gevaar. Het is een populair onderwerp dat al snel populistisch kan worden benaderd en verbeeld. De meeste kunstprojecten hebben deze valkuil gelukkig weten te ontlopen. De behoefte om in het publieke domein op andere manieren te communiceren wordt door steeds meer mensen gevoeld en vraagt om een inventieve en serieuze aanpak. Al zijn niet alle projecten even goed geslaagd, het is wel gelukt het thema door middel van kunst onder de aandacht te brengen. Maar om onderliggende oorzaken bloot te kunnen leggen en het publiek er ook werkelijk toe aan te zetten over deze behoefte serieus na te denken, zullen de komende edities van Liefde in de Stad meer diepgang moeten creëren.
Liesbeth Melis en Theo Tegelaers
Stichting Kunst en Openbare Ruimte